Etherische oliën en massageoliën zijn gemaakt om in te trekken. Dat doen ze ook in textiel. Wat betekent dat voor het wasproces, en waarom kiezen wasserijen hier zo verschillend in?
Etherische oliën worden meestal gemengd met een dragende olie, zoals amandel- of zonnebloemolie. Die plantaardige oliën hechten zich stevig aan katoen en badstof. Water alleen lost ze niet op. Daarvoor zijn krachtige emulgatoren, de juiste temperatuur en voldoende inwerktijd nodig. Blijft er olie achter, dan stapelt die zich bij elke wasbeurt verder op.
Achtergebleven olie wordt na verloop van tijd ranzig. Het textiel gaat muf ruiken, kleurt grauw of geel en voelt hard aan. Handdoeken nemen minder goed vocht op. Voor de gebruiker voelt dat als niet schoon, ook al is het textiel gewassen.
Plantaardige oliën oxideren, en daarbij komt warmte vrij. Textiel met olieresten dat warm uit de droger komt en op een stapel blijft liggen, kan daardoor verder opwarmen. Brandweer en verzekeraars waarschuwen hier al jaren voor. Wasserijen die dit textiel verwerken, gebruiken daarom aangepaste droog- en afkoelprogramma’s.
Minerale oliën, zoals motorolie en hydraulische olie, oxideren veel minder snel. Ze vragen wel om een eigen aanpak bij het wassen, zoals u leest in Waarom olievervuilde bedrijfskleding specialistische reiniging vraagt.
Olie en geur die in het proces achterblijven, kunnen worden overgedragen op andere partijen textiel. Voor een wasserij die ook hotellinnen en horecatextiel verwerkt, is dat een reëel kwaliteitsrisico. Een gast merkt het direct als een handdoek niet helemaal fris ruikt.
Een wasserij die wellnesslinnen verwerkt, moet daar haar hele proces op inrichten: van aparte wasstromen tot extra koeling na het drogen. Andere wasserijen kiezen ervoor dit textiel niet te verwerken. RAS heeft gekozen voor andere specialisaties. Lees waarom in Waarom RAS geen spa- en wellnesslinnen verwerkt.
Neem contact op voor advies.